Werktijden en CAO 

Bij het vaststellen van de werktijden hebben werkgever en werknemer met een aantal CAO-artikelen te maken, vooral de artikelen 162034 tot en met 42.  

Bij indiensttreding worden (art. 16) in de arbeidsovereenkomst onder andere de overeengekomen arbeidstijd en de voor de medewerker geldende werktijden- en toeslagenregeling(en) vastgelegd. 

Wij raden u aan latere veranderingen van afspraken ook goed vast te leggen, bij voorkeur in een schriftelijke bevestiging. Laat vooral geen onduidelijkheid ontstaan! 

In artikel 20 wordt het streven uitgesproken, dat deeltijdwerk wordt bevorderd. In principe een overeenkomst van tenminste 8 uur per week in ieder geval minimaal 28 uur per maand. 

Dit artikel geeft een afwijkende en enigszins tegenstrijdige invulling aan de Wet flexibele arbeid (tot 1-1-2016 de Wet aanpassing arbeidsduur), maar schept ook enige onduidelijkheid over de te volgen procedure. 

In afwijking van de Wet flexibele arbeid kan de werkgever een verzoek om aanpassing arbeidsduur weigeren met een beroep op het bedrijfsbelang. (De wet flexibele arbeid kent een strengere norm afwijking is daar alleen mogelijk bij een zwaarwichtig bedrijfsbelang) In afwijking van de wettelijke regeling hoeft een werknemer het verzoek om aanpassing niet 2 maanden voor de gewenste ingangsdatum te doen, maar moet een verzoek als regel binnen een maand worden afgehandeld. Dit schept enige onduidelijkheid over de vraag in hoeverre de zeer gedetailleerde uitwerking in de Wet flexibele arbeid naast de CAO nog van toepassing is. Voor de goede orde geven wij hieronder wel de hoofdpunten van de Wet flexibele arbeid weer. 

De wettelijke regeling is niet van toepassing op werkgevers met minder dan 10 werknemers. De CAO bepaling  is op die werkgevers wel van toepassing. 

De artikelen 34 t/m 42 geven de mogelijkheden voor arbeidsduur, werktijden en toeslagen. Naast het gebruikelijke weekrooster, van maandag tot en met vrijdag, tussen 07.00 en 18.00 uur, geeft de CAO nog twee alternatieven en de mogelijkheid van een bedrijfsregeling. 

Indien de werkgever wenst af te wijken van het standaard rooster (art. 36) dan heeft hij de instemming nodig van OR, personeelsvertegenwoordiging of de betrokken medewerker(s).     

Print dit artikel E-mail dit artikel

Werktijden en CAO 

Bij het vaststellen van de werktijden hebben werkgever en werknemer met een aantal CAO-artikelen te maken, vooral de artikelen 162034 tot en met 42.  

Bij indiensttreding worden (art. 16) in de arbeidsovereenkomst onder andere de overeengekomen arbeidstijd en de voor de medewerker geldende werktijden- en toeslagenregeling(en) vastgelegd. 

Wij raden u aan latere veranderingen van afspraken ook goed vast te leggen, bij voorkeur in een schriftelijke bevestiging. Laat vooral geen onduidelijkheid ontstaan! 

In artikel 20 wordt het streven uitgesproken, dat deeltijdwerk wordt bevorderd. In principe een overeenkomst van tenminste 8 uur per week in ieder geval minimaal 28 uur per maand. 

Dit artikel geeft een afwijkende en enigszins tegenstrijdige invulling aan de Wet flexibele arbeid (tot 1-1-2016 de Wet aanpassing arbeidsduur), maar schept ook enige onduidelijkheid over de te volgen procedure. 

In afwijking van de Wet flexibele arbeid kan de werkgever een verzoek om aanpassing arbeidsduur weigeren met een beroep op het bedrijfsbelang. (De wet flexibele arbeid kent een strengere norm afwijking is daar alleen mogelijk bij een zwaarwichtig bedrijfsbelang) In afwijking van de wettelijke regeling hoeft een werknemer het verzoek om aanpassing niet 2 maanden voor de gewenste ingangsdatum te doen, maar moet een verzoek als regel binnen een maand worden afgehandeld. Dit schept enige onduidelijkheid over de vraag in hoeverre de zeer gedetailleerde uitwerking in de Wet flexibele arbeid naast de CAO nog van toepassing is. Voor de goede orde geven wij hieronder wel de hoofdpunten van de Wet flexibele arbeid weer. 

De wettelijke regeling is niet van toepassing op werkgevers met minder dan 10 werknemers. De CAO bepaling  is op die werkgevers wel van toepassing. 

De artikelen 34 t/m 42 geven de mogelijkheden voor arbeidsduur, werktijden en toeslagen. Naast het gebruikelijke weekrooster, van maandag tot en met vrijdag, tussen 07.00 en 18.00 uur, geeft de CAO nog twee alternatieven en de mogelijkheid van een bedrijfsregeling. 

Indien de werkgever wenst af te wijken van het standaard rooster (art. 36) dan heeft hij de instemming nodig van OR, personeelsvertegenwoordiging of de betrokken medewerker(s).