Flexibele arbeidsduur en werktijden 

Werkgevers in de technische groothandel kunnen met instemming van de OR/PVT al dan niet met de betrokken medewerkers danwel de vakorganisaties voor verschillende werktijdenregelingen kiezen.

Zie : CAO artikelen 34 t/m 39 

Binnen de gekozen systemen kunnen met deeltijdmedewerkers verschillende afspraken over werktijden worden gemaakt. 

  • Vaste werktijden op vaste dagen, bijv. maandag en donderdag van 9.00-15.00 uur; 
  • Vaste werktijden op wisselende dagen, bijv. 3 ochtenden per week van 8.30-12.30 uur, m.u.v. vrijdag (zaterdag en zondag); 
  • Wisselende tijden op wisselende dagen (min-max contract), bijv. minimaal 12 en maximaal 24 uur per week van maandag tot en met donderdag; 
  • Vast aantal uren op jaarbasis al of niet op vaste dagen (m.n. om pieken of dalen in het seizoenspatroon af te dekken), bijv. Op jaarbasis gemiddeld 20 uur per week, aldus verdeeld: De maanden januari en juni t/m augustus 14 uur per week en de overige maanden 23 uur per week. Daarnaast kan worden afgesproken dat het salaris wordt gebaseerd op 20 uur per week en dat bij het einde van het dienstverband een verrekening van het meerder/mindere wordt verrekend. Of dat werknemer een salaris op basis van het werkelijk aantal gewerkte uren ontvangt. 

Let op: 
Als er sprake is van wisselende werktijden dan wordt de wekelijkse arbeidstijd vermoed een omvang te hebben die gelijk is aan de gemiddelde omvang van de arbeid per week in de daaraan voorafgaande drie maanden. 

Stel dat, een medewerker een min-max contract heeft van 12-24 uur per week en drie aaneengesloten maanden 24 uur per week heeft gewerkt. In dat geval kan de werknemer een vaste werktijd van 24 uur per week claimen, tenzij werkgever kan aantonen dat er andere afspraken zijn gemaakt, bijv. het aantal uren op jaarbasis. 

Als de werknemer uit dit voorbeeld geen beroep doet op een werkweek van 24 uur en nadien drie maanden gemiddeld 12 uur per week werkt, dan wordt zijn garantie beperkt tot een 12-urige werkweek, gelijk aan het minimum van de arbeidsovereenkomst. 

Dit betekent ook dat de werknemer bij ziekte aanspraak kan maken op loondoorbetaling ter grootte van dit gemiddelde aantal uren, waarop hij formeel recht heeft. 

Praktijkadvies: 
Houdt u, bij het vastleggen van afwijkende arbeidstijden, vooral de ontwikkelingen in de gaten op CAO-niveau.

Print dit artikel E-mail dit artikel

Flexibele arbeidsduur en werktijden 

Werkgevers in de technische groothandel kunnen met instemming van de OR/PVT al dan niet met de betrokken medewerkers danwel de vakorganisaties voor verschillende werktijdenregelingen kiezen.

Zie : CAO artikelen 34 t/m 39 

Binnen de gekozen systemen kunnen met deeltijdmedewerkers verschillende afspraken over werktijden worden gemaakt. 

  • Vaste werktijden op vaste dagen, bijv. maandag en donderdag van 9.00-15.00 uur; 
  • Vaste werktijden op wisselende dagen, bijv. 3 ochtenden per week van 8.30-12.30 uur, m.u.v. vrijdag (zaterdag en zondag); 
  • Wisselende tijden op wisselende dagen (min-max contract), bijv. minimaal 12 en maximaal 24 uur per week van maandag tot en met donderdag; 
  • Vast aantal uren op jaarbasis al of niet op vaste dagen (m.n. om pieken of dalen in het seizoenspatroon af te dekken), bijv. Op jaarbasis gemiddeld 20 uur per week, aldus verdeeld: De maanden januari en juni t/m augustus 14 uur per week en de overige maanden 23 uur per week. Daarnaast kan worden afgesproken dat het salaris wordt gebaseerd op 20 uur per week en dat bij het einde van het dienstverband een verrekening van het meerder/mindere wordt verrekend. Of dat werknemer een salaris op basis van het werkelijk aantal gewerkte uren ontvangt. 

Let op: 
Als er sprake is van wisselende werktijden dan wordt de wekelijkse arbeidstijd vermoed een omvang te hebben die gelijk is aan de gemiddelde omvang van de arbeid per week in de daaraan voorafgaande drie maanden. 

Stel dat, een medewerker een min-max contract heeft van 12-24 uur per week en drie aaneengesloten maanden 24 uur per week heeft gewerkt. In dat geval kan de werknemer een vaste werktijd van 24 uur per week claimen, tenzij werkgever kan aantonen dat er andere afspraken zijn gemaakt, bijv. het aantal uren op jaarbasis. 

Als de werknemer uit dit voorbeeld geen beroep doet op een werkweek van 24 uur en nadien drie maanden gemiddeld 12 uur per week werkt, dan wordt zijn garantie beperkt tot een 12-urige werkweek, gelijk aan het minimum van de arbeidsovereenkomst. 

Dit betekent ook dat de werknemer bij ziekte aanspraak kan maken op loondoorbetaling ter grootte van dit gemiddelde aantal uren, waarop hij formeel recht heeft. 

Praktijkadvies: 
Houdt u, bij het vastleggen van afwijkende arbeidstijden, vooral de ontwikkelingen in de gaten op CAO-niveau.