Overlijdensuitkering, fiscale regels 

De werkgever is verplicht om bij overlijden van de werknemer een uitkering aan de nabestaanden te verstrekken. Deze uitkering komt ten goede aan de echtgenoot / partner waarmee de werknemer samenleefde. Is die partner er niet (meer) dan gaat de uitkering naar minderjarige kinderen en bij gebreke daarvan gaat de uitkering naar degene met wie de medewerker in gezinsverband leefde en in wiens onderhoud de medewerker voorzag. Bij de uitkering gaat het om een bedrag gelijk aan het loon over een maand (tot aan de dag dat de medewerker overleed wordt het loon betaald, daarnaast wordt er een uitkering van een maand betaald). Over deze uitkering moet de werkgever bovendien vakantiebijslag betalen. 

De werkgever mag maximaal drie bruto maandsalarissen belastingvrij betalen. Voor zover dit bedrag de verplichting van één maandsalaris overschrijdt, kan de uitkering met een pensioen- of andere uitkering worden verrekend. Is de overlijdensuitkering hoger dan dit bedrag, dan is het meerdere belast op grond van de tabel bijzondere beloningen. 

In een cao kan een andere regeling voor overlijdensuitkering zijn overeengekomen die mogelijk meer rechten geeft aan rechtsopvolgers. Raadpleeg ook Cao artikel 52

Fiscaal vrijgesteld zijn de aanspraken op een eenmalige uitkering of verstrekking voor zover de uitkering niet hoger is dan driemaal het loon over een maand bij het overlijden van: 

  • de werknemer 
  • de echtgenoot van de werknemer
  • degene die in het (voorafgaande) kalenderjaar fiscale partner is van de werknemer
  • de eigen kinderen of pleegkinderen 

Voor zover de aanspraak betrekking heeft op een hoger bedrag, is deze belast. Op verzoek kan de minister van Financiën een dergelijke aanspraak toch aanwijzen als een vrijgestelde aanspraak. Deze aanwijzing zal alleen nog plaatsvinden als de waarde van de aanspraak in redelijkheid niet kan worden bepaald. Bestaande aanwijzingen van vrijgestelde aanspraken blijven geldig tot de CAO afloopt waarin deze aanspraak is opgenomen. 

Een uitkering bij overlijden waarop geen aanspraak bestond of waarvan de aanspraak was vrijgesteld, is vrijgesteld tot maximaal driemaal het loon over een maand. 

Als de uitkering hoger is, behoort het meerdere tot het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen en Zvw. Hierop is dan de tabel bijzondere beloningen van toepassing. Het loon voor het bepalen van de hoogte van deze vrijstelling is het bruto maandloon, inclusief 1/12 deel van het jaarbedrag aan vaste gegarandeerde beloningen. 

Een uitkering bij overlijden op grond van een belaste aanspraak is altijd vrijgesteld. 

De uitkering bij invaliditeit behoort tot het loon, behalve als de uitkering als een vrijgestelde diensttijduitkering kan worden opgevat. Als de uitkering niet eenmalig is, maar uit periodieke uitkeringen bestaat, dan behoort de waarde van deze periodieke uitkeringen tot het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen en Zvw. Een vrijstelling is dan niet van toepassing. Het maakt dan ook niet uit of de uitkeringen verstrekt worden in verband met invaliditeit of overlijden. 

Let op! Over uitkeringen bij overlijden van de werknemer zijn geen premies werknemersverzekeringen verschuldigd.

Print dit artikel E-mail dit artikel

Bijlagen

Fiscale partner

Overlijdensuitkering, fiscale regels 

De werkgever is verplicht om bij overlijden van de werknemer een uitkering aan de nabestaanden te verstrekken. Deze uitkering komt ten goede aan de echtgenoot / partner waarmee de werknemer samenleefde. Is die partner er niet (meer) dan gaat de uitkering naar minderjarige kinderen en bij gebreke daarvan gaat de uitkering naar degene met wie de medewerker in gezinsverband leefde en in wiens onderhoud de medewerker voorzag. Bij de uitkering gaat het om een bedrag gelijk aan het loon over een maand (tot aan de dag dat de medewerker overleed wordt het loon betaald, daarnaast wordt er een uitkering van een maand betaald). Over deze uitkering moet de werkgever bovendien vakantiebijslag betalen. 

De werkgever mag maximaal drie bruto maandsalarissen belastingvrij betalen. Voor zover dit bedrag de verplichting van één maandsalaris overschrijdt, kan de uitkering met een pensioen- of andere uitkering worden verrekend. Is de overlijdensuitkering hoger dan dit bedrag, dan is het meerdere belast op grond van de tabel bijzondere beloningen. 

In een cao kan een andere regeling voor overlijdensuitkering zijn overeengekomen die mogelijk meer rechten geeft aan rechtsopvolgers. Raadpleeg ook Cao artikel 52

Fiscaal vrijgesteld zijn de aanspraken op een eenmalige uitkering of verstrekking voor zover de uitkering niet hoger is dan driemaal het loon over een maand bij het overlijden van: 

  • de werknemer 
  • de echtgenoot van de werknemer
  • degene die in het (voorafgaande) kalenderjaar fiscale partner is van de werknemer
  • de eigen kinderen of pleegkinderen 

Voor zover de aanspraak betrekking heeft op een hoger bedrag, is deze belast. Op verzoek kan de minister van Financiën een dergelijke aanspraak toch aanwijzen als een vrijgestelde aanspraak. Deze aanwijzing zal alleen nog plaatsvinden als de waarde van de aanspraak in redelijkheid niet kan worden bepaald. Bestaande aanwijzingen van vrijgestelde aanspraken blijven geldig tot de CAO afloopt waarin deze aanspraak is opgenomen. 

Een uitkering bij overlijden waarop geen aanspraak bestond of waarvan de aanspraak was vrijgesteld, is vrijgesteld tot maximaal driemaal het loon over een maand. 

Als de uitkering hoger is, behoort het meerdere tot het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen en Zvw. Hierop is dan de tabel bijzondere beloningen van toepassing. Het loon voor het bepalen van de hoogte van deze vrijstelling is het bruto maandloon, inclusief 1/12 deel van het jaarbedrag aan vaste gegarandeerde beloningen. 

Een uitkering bij overlijden op grond van een belaste aanspraak is altijd vrijgesteld. 

De uitkering bij invaliditeit behoort tot het loon, behalve als de uitkering als een vrijgestelde diensttijduitkering kan worden opgevat. Als de uitkering niet eenmalig is, maar uit periodieke uitkeringen bestaat, dan behoort de waarde van deze periodieke uitkeringen tot het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen en Zvw. Een vrijstelling is dan niet van toepassing. Het maakt dan ook niet uit of de uitkeringen verstrekt worden in verband met invaliditeit of overlijden. 

Let op! Over uitkeringen bij overlijden van de werknemer zijn geen premies werknemersverzekeringen verschuldigd.